Bram de Fockert, Hetty van Arkel, Anja de Vries, Paul Brouwer, Jaap en Theo Noot van de werkgroep Herwijnen combineerden in september 2005 een transport hulpgoederen met een bezoek aan Dorcas-projecten in Oekraïne. Ze werden begeleid door Eva Valkocz, Dorcas' landcoördinator in de Transkarpaten, en door medewerker Jozef. Theo Noot maakte een zeer uitgebreid verslag, waaruit hieronder een groot gedeelte.
Donderdag om 14.30 uur staat er een hele groep mannen en jongens uit het dorp klaar om de vrachtwagen te lossen. Een douanier loopt interessant te doen met een stapel papieren, maar doet verder niet moeilijk. Er melden zich ook twee ambtenaren van een soort Keuringsdienst van Waren. Zij zijn vooral geïnteresseerd in de meegebrachte voedingsmiddelen. Ze controleren bijvoorbeeld streng op de houdbaarheidsdatum van de producten. Alles blijkt gelukkig in orde. Om 16.00 uur is de klus geklaard. De hele losploeg gaat op de foto.
Granny bezoeken Om 16.45 gaan we met Jozef naar het dorp waar hij woont. Bram wil daar een bezoek brengen aan zijn ‘granny' (een bejaarde die hij sponsort, red.). De man zit op een verhoging aan de zijkant van zijn huis. Hij tobt met zijn gezondheid en is slecht ter been. Onlangs is zijn vrouw overleden. Hij voelt zich eenzaam. Zijn familie, die doorgaans niet bereid is hem naar zijn geliefde plekje aan de straat te brengen, houdt zich afzijdig. Met hulp van Jozef praat Bram met de man.
Zigeunerschool Na het ontbijt gaan we vrijdag samen met Eva naar de zigeunerschool van Szürte. Het gebouw ziet er prima uit. Het is echt een centrum voor de bewoners van het zigeunerkamp. Het is school, kerk, keuken, dorpshuis en badhuis tegelijk. Toen er o.a. door Dorcas met dit project gestart werd, was er onder de zigeuners nog weinig animo. Hun kinderen hoefden immers niet naar school. Nu zijn er twee goed gevulde klassen en in de loop van dit jaar starten er zelfs avondlessen voor ouders.
De kinderen leren op deze school lezen, schrijven en rekenen. Er wordt veel tijd besteed aan gedrag. Het gedrag van zigeunerkinderen wijkt in woord en daad behoorlijk af van wat sociaal aanvaard wordt door de rest van de bevolking. Daarom redden deze kinderen het niet wanneer ze direct naar een gewone school in het dorp gaan. Wanneer ze twee jaar les gehad hebben op de zigeunerschool, hebben ze veel meer kans op succes en kunnen eventueel later nog wat verder leren. De kinderen moeten zich wassen voor ze naar school gaan en ook hun kleren moeten schoon zijn.