In de vierde aflevering van 'Soeterbeeck in Afrika' reist presentator Wilfred Kemp naar Tonj in Soedan. Hij bezoekt daar een zogeheten leprakolonie. De spanning tussen verschillende stammen in het gebied is om te snijden. Bij aankomst wordt de Soeterbeeck-ploeg opgewacht met speren en Kalashnikov´s. De vorige nacht zijn er nog twee mensen vermoord. Voor zuster Celestine en pater John Peter zijn dit de dagelijkse omstandigheden waarin zij hun werk moeten doen. Ze werken vanuit een katholieke missiepost in Wau. Deze twee hulpverleners zorgen voor een kleine honderd mensen die lijden aan lepra.
Zuster Celestine
Zuster Celestine: 'De mensen met lepra hebben niks. Ze komen bij ons voor hulp. We geven ze bijvoorbeeld olie en zeep, zodat ze hun huid kunnen verzorgen. Ook proberen we deze mensen zo snel mogelijk te helpen met medicijnen. Veel van hen horen tot de Dinka-stam. Ik constateer dat ze van nature erg vrolijk zijn. Ze zijn met iets kleins tevreden. We zijn ook bezig met kleding. Wij zijn de enige organisatie die hulp geeft aan deze mensen. De grote hulporganisaties zijn na de oorlog in Soedan vertrokken.'